RETAIL
Keypoints
- Stijgende investeringsvolumes
- Daling aanvangsrendementen op beste locaties
- Institutioneel geld hebben retailbeleggingen weer in het vizier
- Kloof tussen winkelgebieden vergroot
- Aantrekkende consumentenbestedingen
Stijgende investeringsvolumes
In het vierde kwartaal van 2025 versnelde de Nederlandse retailbeleggingsmarkt duidelijk. Volgens cijfers van Cushman & Wakefield bedroeg het investeringsvolume in winkelvastgoed bijna € 400 miljoen, fors hoger dan de € 268 miljoen in Q4 2024. Daarmee komt het cumulatieve volume over 2025 uit op circa € 1,3 miljard, ruim boven 2024 (€ 828 miljoen) en ook hoger dan 2023 (€ 1,0 miljard). Het jaarvolume werd gedragen door enkele grotere transacties, aangevuld met een breed scala aan kleinere aan- en verkopen.
De investeringsactiviteit in Q4 concentreerde zich op grotere winkelcentra en binnenstedelijke high-street objecten. De grootste transactie betrof de verkoop van winkelcentrum Sterrenburg in Dordrecht door Wereldhave aan een door Pertinea beheerd fonds voor circa € 60 miljoen. Daarnaast werd winkelcentrum De Roselaar in Roosendaal verkocht voor ongeveer € 40 miljoen. Vanwege de secundaire ligging werd dit object verhandeld tegen een relatief hoog aanvangsrendement, wat de risicodifferentiatie binnen retailvastgoed onderstreept. Ook high-street retail in de grote steden droeg bij aan het investeringsvolume, met transacties van € 31,6 miljoen aan het Binnenwegplein in Rotterdam en € 23,1 miljoen in de Kalverstraat in Amsterdam. Daarnaast bleef de activiteit in het kleinere segment (tot circa € 5 miljoen) hoog, vooral gedreven door family offices en particuliere beleggers. Deze transacties zijn volumematig beperkt, maar ondersteunen liquiditeit en prijsontdekking.
BELEGGINGSVOLUME (IN MILJARDEN €)

Bron: C&W (2026), RCA (2026), bewerking door Achmea Real Estate
Daling aanvangsrendementen op beste locaties
In de grote steden, en met name in Rotterdam, daalden de aanvangsrendementen in Q4 met circa 5 tot 15 basispunten. Tegelijkertijd blijven de aanvangsrendementen op mindere en value-add locaties substantieel hoger, wat aangeeft dat beleggers buiten kerngebieden een duidelijke risico-opslag blijven hanteren.
Het aantrekkende transactievolume past binnen bredere kapitaalbewegingen richting retail in 2025. Institutionele partijen positioneren retail opnieuw als belegbare categorie, zij het selectief. Een belangrijk signaal is de lancering van het Redevco European Retail Parks-fonds, waarin CBRE Investment Management circa € 500 miljoen committeerde, gericht op dominante convenience-retailparken. Ook aan de financieringszijde is hernieuwd vertrouwen zichtbaar, onder meer via de uitgifte van een groene obligatie door Via Outlets. Kapitaal is beschikbaar voor retailvastgoed met schaal, voorspelbare kasstromen en een heldere strategische positionering.
PRIME BRUTO AANVANGSRENDEMENTEN

Bron: C&W (2026), bewerking door Achmea Real Estate
Kloof tussen winkelgebieden vergroot
Tegelijkertijd verdiept zich de structurele kloof tussen sterke en zwakkere locaties. Analyses van winkelstraten door adviseur CBRE laten zien dat A1-locaties in steden als Amsterdam en Eindhoven tot de best presterende winkelgebieden behoren, met lage leegstand, een concentratie van sterke formules en een prominente rol voor flagshipstores. Daartegenover staat een gemengd tot zwak beeld in middelgrote steden en secundaire gebieden. Cijfers van Locatus tonen dat de landelijke winkelleegstand in 2025 opliep van circa 6,7% naar bijna 7,0%. Vooral aan de randen van kernwinkelgebieden en in grootschalige retailclusters blijft herverhuur uitdagend en houdt waardedruk langer aan.
Deze polarisatie is ook zichtbaar in het bezoekgedrag. Uit de jaarlijkse analyse van RMC, gebaseerd op sensormetingen in bijna honderd winkelstraten en -centra, blijkt dat het aantal passanten in 2025 landelijk met circa 3% is toegenomen. De groei concentreerde zich sterk in de grote steden, waar de drukte met ongeveer 10% toenam. In middelgrote steden bleef het beeld vrijwel stabiel en in kleinere steden was slechts sprake van beperkte groei. Het Footfall Trend Report 2025 van PFM Intelligence Group plaatst hierbij een belangrijke kanttekening. PFM laat zien dat de groei in passanten niet gelijk opgaat met een toename van het winkelend publiek. Landelijk nam het totaal aantal bezoekers met 0,8% toe, terwijl het retailgerelateerde bezoek licht afnam. In de grote steden is dit effect het meest uitgesproken: meer mensen in de binnenstad, maar een kleiner aandeel dat primair komt om te winkelen. Binnensteden ontwikkelen zich daarmee steeds meer tot multifunctionele verblijfsgebieden, terwijl wijkcentra juist profiteren van doelgericht winkelgedrag, met een groei van het winkelend publiek van circa 2,5 tot 2,6%.
LEEGSTAND NAAR TYPE WINKELGEBIED (% VERKOOPPUNTEN)

Bron: Locatus (2026), bewerking door Achmea Real Estate
Aantrekkende consumentenbestedingen
Deze ontwikkelingen vinden plaats tegen de achtergrond van aantrekkende consumentenbestedingen. Volgens cijfers van het CBS steeg de detailhandelsomzet in november 2025 met 3,9% op jaarbasis, terwijl het verkoopvolume met 2,6% toenam. De omzetgroei lag boven de inflatie en was zichtbaar in zowel food als non-food, met sterke prestaties bij onder meer drogisterijen, doe-het-zelf en kleding. Ook de online omzet groeide met circa 6%. ING verwacht voor 2026 een omzetstijging voor Food van 3,5% en voor non-food van 4%.
Tegelijkertijd vertaalt deze bestedingsgroei zich niet naar een brede huurdersvraag. De markt blijft gekenmerkt door uitstroom van zwakkere formules en zelfstandige ondernemers, waarbij schaal en kostenstructuur steeds doorslaggevender worden. Faillissementen in non-food en horeca, zoals Carpetright en Vapiano, illustreren deze kwetsbaarheid. Daartegenover staat een duidelijke tegenbeweging aan de bovenkant van de markt. Schaalbare value-for-money-formules zoals Action, IKEA en JYSK blijven investeren en uitbreiden. Ook bij de herinvulling van leeggekomen panden concentreert de vraag zich vooral op dit type formules en op de beste locaties.
OMZET DETAILHANDEL (% Y-O-Y)

Bron: CBS (2026), bewerking door Achmea Real Estate
Vooruitblik
De ontwikkelingen op de beleggingsmarkt in het vierde kwartaal van 2025 bevestigen het beeld dat retailvastgoed in Nederland steeds nadrukkelijker in de belangstelling staat van institutionele beleggers. Daarbij is sprake van een scherp onderscheid tussen de allerbeste winkelgebieden in de grote steden en de binnensteden van middelgrote en kleinere steden. Dit verschil vertaalt zich duidelijk in de prijsvorming, waarbij de risico-opslag tussen core en non-core locaties fors kan oplopen. De gemiddelde omzetgroei in de detailhandel ligt aan het einde van 2025 nog altijd ruim boven de inflatie. Daartegenover staan wel hogere kostenniveaus voor retailers. Ook in de komende kwartalen blijft sprake van margedruk, mede door aanhoudende concurrentie van online verkoop. Tegelijkertijd blijven succesvolle winkelformules juist investeren door nieuwe winkels te openen of bestaande vestigingen uit te breiden op de beste locaties.
Deel deze pagina

