WONINGEN
Keypoints
- Beleggingsvolume sterk hoger door uitgestelde transacties door overdrachtsbelasting
- Aanvangsrendementen blijven stabiel en het rente-effect is nog beperkt
- Markthuurprijzen blijven sterk stijgen en schaarste houdt huurgroei hoog
- Koopprijzen vlakken af en NVM ziet een kwartaal-op-kwartaal daling en minder transacties
- Leegstand blijft zeer laag en het tekort op de huurmarkt houdt aan
- Bouwkosten stijgen hard door hogere lonen en stijging van materiaalkosten wordt verwacht
Sterk begin beleggingsmarkt
Het beleggingsvolume voor Nederlandse huurwoningen is in het eerste kwartaal van 2026 uitgekomen op € 1,8 miljard. Dit is ruim drie keer zoveel als het eerste kwartaal van 2025 en het hoogste eerste kwartaalsvolume sinds 2022. Door de verlaging van de overdrachtsbelasting per 1 januari 2026 zijn diverse transacties uitgesteld tot begin dit jaar waardoor het beleggingsvolume is gestegen. Net als in 2025 hadden ook in het eerste kwartaal van 2026 vooral institutionele beleggers, met voornamelijk nieuwbouwtransacties, en particuliere beleggers, vaak met een uitpondstrategie, een groot aandeel in het beleggingsvolume. De activiteit van buitenlandse beleggers was wederom beperkt vanwege het onaantrekkelijke fiscale klimaat dat in Nederland voor buitenlandse beleggers geldt.
BELEGGINGSVOLUMES (IN MILJARDEN € )

Bron: C&W (2026), RCA (2026), bewerking door Achmea Real Estate
Nog geen effect van stijgende rentes op aanvangsrendementen
De kapitaalmarktrentes zijn door de geopolitieke situatie wel iets gestegen maar blijven nog aan de bovenkant van de bandbreedte van circa 2,5 tot 3 procent waarbinnen ze zich al sinds eind 2022 begeven. Hiermee lijkt de Iran-oorlog vooralsnog geen effect te hebben op de aanvangsrendementen. Afhankelijk van de geopolitieke ontwikkelingen kan dit in de komende kwartalen veranderen. Wel daalden de bruto aanvangsrendementen licht door de lagere overdrachtsbelasting.
SPREAD EN AANVANGSRENDEMENTEN

Bron: Oxford Economics, C&W & MSCI (2026), bewerking door Achmea Real Estate
Prognoses tonen aan dat tekort aanhoudt
De leegstand van huurwoningen in bezit van institutionele beleggers steeg licht, maar blijft met 1,4 procent zeer laag. De krapte op de huurmarkt blijft groot, onder andere door de daling van de huurvoorraad als gevolg van verkopen door particuliere beleggers. De markthuurgroei daalde licht, maar blijft met circa 8 procent op jaarbasis zeer hoog. De verwachting is dat de schaarste en stevige huurgroei zullen aanhouden.
Huizenprijzen stijgen nauwelijks meer
De huizenprijzen zijn in het eerste kwartaal naar verwachting opnieuw gestegen. Op basis van voorlopige ramingen kwam er 0,9 procent bij. Op jaarbasis bedroeg de stijging ruim 5 procent. Het effect van de in maart gestegen hypotheekrentes is hierin nog niet zichtbaar. Grootbanken verwachten dat huizenprijzen in 2026 minder hard zullen stijgen dan in voorgaande jaren, maar wel positief blijven doordat hogere inkomens de hogere rentes compenseren. Volgens cijfers van de NVM bedraagt de gemiddelde verkoopprijs van bestaande woningen 485.000 euro, wat 2,7 procent lager is dan in het vorige kwartaal. Hoewel prijsdalingen aan het begin van het jaar gebruikelijk zijn, is deze daling sterker dan normaal. Op jaarbasis is nog steeds sprake van een lichte stijging van ongeveer 10.000 euro. In het eerste kwartaal zijn circa 34.600 woningen verkocht, ruim een kwart minder dan in het kwartaal daarvoor. Kopers krijgen meer tijd voor hun beslissing en het aanbod neemt toe. De krapte-indicator stijgt van 1,9 naar 2,6. De Eigen Huis Marktindicator blijft licht negatief. In december kwam de index uit op 95 punten, vrijwel gelijk aan eerdere maanden maar lager dan de 97 punten in maart 2025. De geopolitieke onzekerheid lijkt vooralsnog geen effect te hebben op het vertrouwen van huizenkopers.
INDEX KOOP- EN HUURPRIJZEN NEDERLAND (2015=100)

Bron: Oxford Economics, Kadaster, MSCI (2026), bewerking door Achmea Real Estate
Loonontwikkeling zorgt voor hogere bouwkosten
De bouwkosten zijn begin 2026 verder gestegen. In februari lagen de inputprijzen voor nieuwbouwwoningen ruim 2 procent hoger dan eind 2025 door loonindexatie in diverse bouwgerelateerde cao’s. Ten opzichte van een jaar eerder lagen de bouwkosten 5,2 procent hoger. Vooral loonkosten zijn sterk gestegen door de doorwerking van de hoge inflatie in 2023. Materiaalkosten lagen 3,4 procent hoger dan een jaar eerder en zullen naar verwachting verder stijgen door hogere energieprijzen en transportkosten.
INPUTPRIJSINDEX BOUWKOSTEN (2021=100)

Bron: CBS (2026), bewerking door Achmea Real Estate
Vooruitblik
De beleggingsmarkt zal in 2026 naar verwachting goed blijven presteren met volumes vergelijkbaar met 2025. Institutionele interesse in nieuwbouw blijft aanwezig, evenals interesse van uitponders in bestaande bouw. Door stijgende risicovrije rentes is het onwaarschijnlijk dat aanvangsrendementen verder dalen en is een opwaartse correctie mogelijk. De inflatie zal in 2026 naar verwachting boven de 3 procent uitkomen, wat leidt tot hogere bouwkosten. De huurmarkt blijft sterk door aanhoudende schaarste. Op de koopmarkt zijn eerste signalen van afkoeling zichtbaar en grote prijsstijgingen lijken voorbij.
Deel deze pagina

